De luiken staan weer open, al het stof is neergedaald

Als secretaris van de Stichting Historische Behangsels (SHBW) hoorde ik alweer een tijd geleden over de plannen van het Centraal Museum voor landhuis Oud Amelisweerd. En wij maakten ons zorgen. Gaat dat wel goed met die kunstwerken van Armando en het kwetsbare Chinese papierbehang in het landhuis? Prachtig, zo’n nieuwe functie en nota bene een museum, maar we moesten het eerst nog maar eens zien. De vraag die bij alle transformaties centraal staat, kwam natuurlijk ook hier op. Hoe zorg je ervoor dat de bestaande waarden van het landhuis tot zijn recht komen en dat ook de nieuwe functie een betekenisvolle toevoeging is? Hoe zorg je ervoor dat ze elkaar versterken? Nou, zo…

Het ontwerp voor de transformatie werd gemaakt door Soda, in samenwerking met Licht Joost de Beij. Een uitgebreide restauratie ging vooraf aan de uitvoering. XL Papier, een samenwerkingsverband van ons bekende restauratoren als Monique Staal, Thomas Brain en Judith Bohan, ging met het behang aan de slag. Inmiddels is het museum al weer een jaar open. De Chinese behangsels zijn in hun volle glorie zichtbaar. In de kamers op de begane grond zijn telkens enkele grote objecten van Armando geplaatst. Fraai is de lichtinval. De luiken staan weer open en doordat de routing via de enfilade gesitueerde kamers loopt, komt het licht voortdurend van dezelfde kant. Telkens zijn er enerzijds de kunstwerken en het behang, en anderzijds de uitzichten op het landgoed. Op de eerste verdieping is de sfeer wat intiemer. De kamers zijn kleiner en het behang is hier fragmentarisch overgeleverd en minder spectaculair dan op de begane grond. Tegen de wanden is een transparante wit linnen bespanning aangebracht, die het behang zichtbaar houdt maar ook een neutrale achtergrond vormt voor de schilderijen en de gedichten van Armando. Het linnen blijkt nog een andere functie te hebben. In het ontwerp van Soda is niet geprobeerd het landhuis en de kunstwerken van Armando bij elkaar te brengen, maar is er juist afstand gecreeerd. De kunstwerken en het landgoed raken elkaar net niet. Op de begane grond door de routing die je laat kiezen of je naar de kunstwerken wilt kijken of naar buiten; op de eerste verdieping door het laagje linnen tussen de kunstwerken en de wand. In deze afstand of leegte ontvouwt zich een nieuwe ervaring van waarde en betekenis in het verhaal van het landgoed.

Terwijl de begane grond en de eerste verdieping vooral over het beleven van de kunst en de ruimte gaan, gaat de zolder vooral over informatie. Naast de bibliotheek met de boeken van Armando en de boeken over het huis heeft de zolder een speciale attractie, het behangmeubel. Nu vindt mijn innerlijk kind het altijd leuk als er wat ‘te doen’ is, dat kan daar. Laadjes opentrekken, via hangende luidsprekertjes verhalen luisteren en filmpjes kijken. Het meubel lijkt op een grote stapel papierbehang, maar in werkelijkheid zit de stapel vol techniek. In de laadjes liggen behangfragmenten. Door het openen begint een filmpje op een van de beeldschermen bovenop de stapel te spelen, weer andere laadjes doen de behangfragmenten die in de bedstede hangen, oplichten.

Vanuit de SHBW streven wij ernaar het historische behang in situ te laten, zodat het een onderdeel van het bouwwerk blijft, zodat de gelaagdheid van het behang bewaard blijft en de geschiedenis af te lezen is. Dat is gelukkig het geval in het landhuis, maar het behangmeubel laat zien hoe behang, dat niet meer in situ is, kan worden tentoongesteld. Het meubel voegt de context weer toe, brengt het behang, de geschiedenis van het huis en de bewoners weer bij elkaar.

De traploper toverde een glimlach op mijn gezicht. Op de lichtgroene loper is een blauw/grijze baan aangebracht, alsof de voormalige bewoners hun sporen hebben nagelaten, alsof er al talloze mensen over de trap hebben gelopen, en dat is natuurlijk ook zo.

Juni 2015

(dit stuk is in iets aangepaste vorm eerder verschenen SHBW Nieuwsbrief 37, juni 2015)